Inhoudsopgave

Huwelijkse voorwaarden

Ga je scheiden en heb je te maken met huwelijkse voorwaarden? Dan ben je niet in gemeenschap van goederen getrouwd. Voor je ex-partner en jou gelden de door jullie gemaakte afspraken over de verdeling van jullie bezittingen en schulden. Wil je weten wat je kunt verwachten en waar je op moet letten als je gaat scheiden? Lees hieronder dan meer over de huwelijkse voorwaarden bij scheiden.

*Let op: op deze pagina beschouwen we geregistreerd partnerschap als huwelijk. Deze begrippen lijken op elkaar en werken op dezelfde manier.

Wat zijn huwelijkse voorwaarden?

Onder huwelijkse voorwaarden getrouwd houdt in dat je partner en jij eigen schriftelijke afspraken hebben gemaakt over jullie bezittingen en schulden bij scheiden of overlijden. Vaak wordt er gekozen voor huwelijkse voorwaarden als een van de partners een eigen bedrijf heeft. De andere partner wordt dan afgeschermd van de bedrijfsrisico’s, bijvoorbeeld een faillissement. Je maakt deze afspraken vóór of tijdens het huwelijk. Deze afspraken moeten worden vastgelegd door een notaris. De huwelijkse voorwaarden worden geregistreerd in het huwelijksgoederenregister.

Trouwen onder huwelijkse voorwaarden

Bij trouwen onder huwelijkse voorwaarden zijn je partner en jij vrij om eigen afspraken te maken over de bezittingen en schulden voor en na een scheiding. Natuurlijk moeten de voorwaarden wel rechtsgeldig en realistisch zijn. Tegenwoordig zie je dat ook steeds meer andere vormen van huwelijkse voorwaarden worden gebruikt, beperkte gemeenschap van goederen en koude uitsluiting:

Beperkte gemeenschap van goederen

Je kunt ervoor kiezen om in de huwelijkse voorwaarden een beperkte gemeenschap van goederen af te spreken. Bijvoorbeeld dat jouw eigen schulden en bezittingen die je hebt opgebouwd vóór het huwelijk van jou blijven. Ditzelfde geldt voor je partner. Alles wat jullie tijdens het huwelijk opbouwen aan vermogen, wordt in tweeën gesplitst op het moment dat er wordt gescheiden. Er ontstaan zo dus drie vermogens:

  • privévermogen van jou
  • privévermogen van je partner
  • gemeenschappelijk vermogen

Zowel privé als gemeenschappelijk kan het vermogen gaan om een woning, inboedel, auto, spaargeld, schulden (hypotheek, belasting, etc.), erfenis, enzovoorts. Zo kan het zijn dat je al een eigen koophuis had voordat je met iemand trouwt. Dit huis blijft dan van jou. Het is ook mogelijk dat je juist schulden hebt wanneer je trouwt, de andere partner draait niet op voor deze schulden bij het eind van het huwelijk.

Bij een gemeenschappelijk vermogen bouw je samen wel vermogen op als je getrouwd bent. Kopen jullie samen een huis? Dan worden de woning en hypotheekschuld in tweeën verdeeld wanneer jullie scheiden. Ook andere kosten die jullie maken of spullen die jullie kopen tijdens het huwelijk worden bij een scheiding onder jullie verdeeld.

Huwelijkse voorwaarden koude uitsluiting

De meest vergaande vorm van huwelijkse voorwaarden staat ook wel bekend onder de naam ‘koude uitsluiting’. Dit houdt in dat beide partners hun eigen vermogen en inkomen behouden en dat er geen enkele verdeling plaatsvindt wanneer er wordt gescheiden. Er is geen gemeenschappelijk deel.

Voorbeeld 

Rik en Anna zijn in 2006 getrouwd onder huwelijkse voorwaarden op basis van koude uitsluiting. Rik had een vermogen van 500.000 euro, Anna had geen vermogen. Beide partners hadden een goede baan en verdienden ongeveer 5.000 euro bruto per maand. Na twee jaar kregen Rik en Anna een kinderwens en Anna beviel kort na elkaar van twee kinderen. Anna zegde haar baan op en werd huismoeder. Rik maakte ondertussen flink carrière en zijn salaris steeg tot 8.000 euro bruto per maand. Daarnaast zette Rik een deel van zijn salaris opzij en bouwde hierdoor een vermogen op van 700.000 euro. Uiteindelijk gingen Rik en Anna scheiden. Rik moest wel alimentatie betalen aan Anna en voor de kinderen, maar hoefde zijn opgebouwde vermogen niet met Anna te delen.

Finaal verrekenbeding huwelijkse voorwaarden

In de meeste huwelijkse voorwaarden is een verrekenbeding opgenomen. Op deze manier wordt de partner met minder inkomen en vermogen alsnog financieel tegemoet gekomen via dit ‘verrekenbeding’. Dit is enkel het geval wanneer dit nadrukkelijk in de huwelijkse voorwaarden is opgenomen. Er zijn hiervan twee bekende varianten:

  • het periodieke verrekenbeding*: jaarlijks verdeel je de overgespaarde inkomsten met je partner
  • het finale verrekenbeding: de verrekening van de overgespaarde inkomsten vindt plaats op het moment dat de relatie eindigt (na echtscheiding of overlijden van een van de partners)

*Ook wel het Amsterdamse verrekenbeding genoemd

Voorbeeld van een periodiek verrekenbeding 

Peter en Karin zijn getrouwd onder huwelijkse voorwaarden met een periodiek verrekenbeding. Peter verdient netto per jaar €80.000. Karin verdient €35.000 netto. Samen dus €115.000 netto per jaar. In 2020 heeft Peter €50.000 betaalt aan de kosten van de huishouding, Karin betaalde €15.000. Totale kosten van de huishouding waren €65.000. Samen hebben ze aan overgespaarde inkomsten €50.000 (115.000 – 65.000). Dit wordt nu als volgt verrekend:

Overgespaarde inkomsten: €50.000

Beiden hebben recht op 50%: €25.000 per persoon

Peter heeft aan overgespaard inkomen: € 30.000 (80.000 – 50.000)

Karin heeft overgehouden: €20.000 (35.000 – 15.000).

Beiden hebben recht op de helft van het totaal: €25.000.

Dus Peter moet nog €5.000 aan Karin betalen.

Wat gebeurt er als je niet jaarlijks verrekend?

Als jullie het overgespaarde inkomen niet ieder jaar verrekenen, dan blijf je beiden recht houden op verrekening. Dit betekent dat bij de scheiding het hele vermogen wordt gezien als te verrekenen vermogen. Alleen als je kunt bewijzen dat een deel van het vermogen aan een van de echtgenoten toebehoort en niet is ontstaan uit overgespaarde inkomsten, wordt dat buiten de verrekening gehouden.

arrow-right