print

De echtscheidingsprocedure bij de rechtbank

Een echtscheiding kan alleen worden uitgesproken door de rechtbank. Er zal dus in alle gevallen een gerechtelijke procedure gevoerd moeten worden. Toch zijn er in de praktijk in feite twee soorten echtscheidingsprocedures bij de rechtbank:

1. De formele procedure.

In dit geval hebben beide partners in overleg met een advocaat of mediator overeenstemming bereikt over alle belangrijke onderwerpen zoals alimentatie, de zorg voor de kinderen en de verdeling van de woning en bezittingen. De rechtbank wordt in dit geval enkel nog gevraagd de gemaakte afspraken te bevestigen.

Deze procedure verloopt relatief snel (enkele weken) en bestaat in feite uit de indiening van een schriftelijk verzoekschrift door een advocaat. Na enkele weken zal de rechtbank de echtscheiding uitspreken in een schriftelijke uitspraak (een zogenaamde beschikking).

Er hoeft in dit geval geen mondelinge behandeling plaats te vinden.

2. De inhoudelijke procedure

Als beide partners niet over alle belangrijke onderdelen van de echtscheiding tot overeenstemming kunnen komen, zal een ‘echte' inhoudelijke procedure plaatsvinden. In deze procedure zal de rechter een aantal knopen moeten doorhakken.

Hoewel het verloop van deze inhoudelijke procedure afhangt van uw persoonlijke omstandigheden (Zijn er kinderen bij de echtscheiding betrokken? Zijn partijen het oneens over de hoogte van de alimentatie? Zijn er zaken waarover beide partners wel afspraken hebben kunnen maken?), kent deze procedure in het algemeen het volgende verloop:

Voorlopige voorzieningen

Omdat een inhoudelijke echtscheidingsprocedure de nodige maanden in beslag kan nemen, kunnen beide partners zogenaamde voorlopige voorzieningen vragen. Dit zijn in feite tijdelijke maatregelen die door de rechter snel genomen kunnen worden en geldig zijn voor de verdere duur van de echtscheidingsprocedure.

In het kader van deze voorlopige voorzieningen kan de rechter bijvoorbeeld bepalen dat:

  • Eén van beide partners het exclusieve gebruiksrecht van de woning krijgt. De andere partner (vaak de man) zal de woning dan moeten verlaten en mag de woning niet meer betreden.
  • De kinderen voorlopig aan één van beide partners worden toevertrouwd.
  • Er voorlopig een bepaald bedrag aan kinder- en/of partneralimentatie zal moeten worden betaald.
  • Er een omgangs- en/of informatieplicht geldt.


Als een van beide partners om voorlopige voorzieningen wil vragen, moet hiervoor een schriftelijk verzoek worden gedaan. Vervolgens zal de andere partner binnen 3-4 weken worden opgeroepen om samen met de verzoeker (en zijn of haar advocaat) op een mondelinge behandeling te verschijnen. De rechter zal de zaak dan dus mondeling in het bijzijn van beide partners (en hun advocaten) bespreken. Enkele weken later zal de rechter schriftelijk uitspraak doen.

Tegen de beslissing van voorlopige voorzieningen kan geen hoger beroep worden ingesteld. Wel is het mogelijk om de rechtbank te vragen een eerdere beslissing over voorlopige voorzieningen te wijzigen als er sprake is van gewijzigde omstandigheden sinds de uitspraak van de rechter of als blijkt dat er bij de eerdere beslissing is uitgegaan van onvolledige of onjuiste gegevens.

Een voorbeeld.

Marc en Jeannette zijn tien jaar getrouwd en hebben drie kinderen van 9, 7 en 4 jaar. Jeannette besluit dat zij wil scheiden, Marc is het hier in feite niet mee eens. Hij erkent wel dat er relationele problemen zijn, maar wil graag samen met Jeannette in huwelijkstherapie.

Jeannette wil echter definitief scheiden en kan met Marc geen afspraken maken over de echtelijke woning, alimentatie en de zorg voor de kinderen. Jeannette besluit een advocaat te vragen om de echtscheidingsprocedure op te starten. Omdat zij verwacht dat Marc de procedure zoveel mogelijk zal willen vertragen, vraagt zij via haar advocaat voorlopige voorzieningen aan. Drie weken later vindt een zitting plaats en worden de voorlopige voorzieningen bij de rechtbank besproken. Jeannette is met haar advocaat bij deze zitting aanwezig, Marc is zelf zonder advocaat gekomen.

De rechtbank besluit binnen enkele weken dat Jeannette voor de duur van de verdere procedure de woning alleen met de kinderen mag bewonen. Marc zal de woning moeten verlaten. Ook beslist de rechtbank dat Marc voorlopig een bedrag van 800 euro aan kinderalimentatie moet voldoen.

Het echtscheidingsverzoekschrift

Het officiële document waarin de rechtbank wordt gevraagd om de echtscheiding uit te spreken noemt men ook wel het echtscheidingsverzoekschrift. Dit verzoekschrift moet door een advocaat worden ingediend bij de rechtbank van de woonplaats van de verzoekende partner.

Dit verzoekschrift wordt niet alleen aan de rechtbank gestuurd, maar moet ook binnen 14 dagen door een deurwaarder worden uitgereikt aan de andere echtgenoot.

In het verzoekschrift staan een aantal zaken vermeld waaronder:

  • De namen, geboortedata, woonplaats(en) van beide partners en eventuele kinderen.
  • Een omschrijving van het verzoek of de verzoeken aan de rechtbank. Dit zal dus in de eerste plaats het verzoek aan de rechtbank zijn om de echtscheiding uit te spreken. Maar de rechtbank kan ook gevraagd worden om kinder- of partneralimentatie vast te stellen, de bezittingen op een bepaalde wijze te verdelen, een uitspraak te doen over het ouderlijk gezag over de kinderen en over de echtelijke woning.
  • Een aantal bijlagen waaronder kopieën van geboorteakten, de huwelijksakte, eventuele huwelijkse voorwaarden, een eventueel echtscheidingsconvenant, een ouderschapsplan en stukken met betrekking tot de alimentatie. Let op: de huwelijksakte en geboorteakten mogen niet ouder zijn dan drie maanden.


De partner die dit verzoekschrift ontvangt krijgt in het algemeen zes weken de tijd om (via een advocaat) een zogenaamd verweerschrift in te dienen. In dit verweerschrift kan deze partner schriftelijk aangeven waarom hij of zij het met (onderdelen van) het verzoekschrift niet eens is. Ook kan de partner een tegenverzoek doen, bijvoorbeeld een verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling.

De mondelinge behandeling

Nadat het verzoekschrift en verweerschrift bij de rechtbank zijn ingediend zal de rechtbank beide partners (vaak via hun advocaten) uitnodigen voor een zogenaamde mondelinge behandeling. Dit is een hoorzitting bij de rechtbank waarbij beide partners de gelegenheid krijgen om hun standpunten mondeling toe te lichten. Ook zal de rechter tijdens deze gelegenheid vaak een aantal vragen stellen.

Verder is het gebruikelijk dat de rechter tijdens de zitting, met name als het gaat om kinderen, de problemen zoveel mogelijk bespreekbaar maakt. Ook zal de rechter vaak proberen om beide partners ervan te overtuigen dat het verstandig is om alsnog tot overeenstemming te komen over de gerezen problemen. De rechter zal daarbij soms ook wijzen op de mogelijkheid van mediation.

In het algemeen vindt er slechts één mondelinge behandeling plaats. Toch kan de rechter in uitzonderlijke situaties bepalen dat er een vervolgzitting zal plaatsvinden.

De mondelinge behandeling van echtscheidingszaken is niet openbaar. Dat wil zeggen dat in principe alleen beide partners en hun advocaten op de zitting aanwezig mogen zijn.

De uitspraak of beschikking

In echtscheidingsprocedures noemt men de schriftelijke uitspraak van de rechter ook wel beschikking. Aan het einde van de mondelinge behandeling zal de rechter meestal aangeven op welke datum hij een beschikking zal afgeven.

De rechter doet schriftelijk uitspraak en stuurt de beschikking aan de beide advocaten. In deze beschikking geeft de rechter gemotiveerd aan wat hij (of zij) besloten heeft en waarom. De rechter is volgens de wet verplicht om begrijpelijk te maken waarom hij een bepaalde beslissing genomen heeft over de alimentatie of het gezag over de kinderen.

Binnen 3 maanden na deze beschikking kan eventueel hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof.

Advies of hulp

Wilt u advies of hulp? Bel de Scheidingslijn op 0900 - 0307 (5 cpm). Wij helpen u dezelfde dag. 

« Terug naar overzicht artikelen